Als de griep heerst, lopen collega’s op het werk te snotteren. Heb je vandaag met zo’n snotteraar in een vergadering gezeten, dan loop jij twee dagen later ook te hoesten en proesten. Je bent ervan overtuigd dat je bent aangestoken. Maar stel nu dat dit niet klopt en niemand jou kan aansteken? Dat er niet eens zoiets bestaat als een virus dat jou ziek kan maken? Hoe dat precies zit lees je in dit artikel.

- Weerdokters
- De introductie van virussen
- Transmissie van ziekten niet bewezen
- Ziektekiemen versus Het Terrein
- De kiemtheorie en wat er daar niet aan klopt
- Hoe toon je het bestaan van een virus aan?
- Hoe werken de virologen en wat is daar mis mee?
- Rechter: geen bewijs voor bestaan mazelenvirus
- Gezonde mensen met virussen
- Het zijn exosomen, geen virussen
- Waarom werken virologen niet anders?
- De terreintheorie en waarom die beter past
- Waardoor worden we dan ziek?
- Anders(om) denken
We beginnen met drie definities, omdat deze in het artikel aan bod komen en van belang zijn voor een goed begrip van het onderwerp.
Virus
Volgens de microbiologie is een virus een microscopisch kleine ziekteverwekker die bestaat uit erfelijk materiaal van DNA of RNA, omgeven door proteïne. Een virus leeft niet. Het kan zich alleen vermenigvuldigen in een cel van een gastheer zoals een plant, dier of mens.
Isolatie
Volgens de Van Dale betekent isolatie: afzondering van anderen. Je zondert één ding af van de rest.
Transmissie
In de microbiologie betekent transmissie, het overdragen van een virus van een ziek mens of dier naar een gezond mens. Die gezonde mens ontwikkelt daardoor dezelfde symptomen en dezelfde ziekte. Transmissie kan direct plaatsvinden zoals een hand geven, zoenen of omhelzen. En indirect via zwevende (virus)deeltjes die door de lucht worden verspreid.
Laten we beginnen met wat historie, dat helpt bij het vormen van een goed beeld van de situatie in het heden en wat daar niet aan klopt.
Weerdokters
In de periode voor 1900 was de er de overtuiging dat weersinvloeden de oorzaak waren van luchtweginfecties. Dit gaat zo ver terug als het werk van Hippocrates zo’n 400 jaar voor Christus. Artsen die overtuigd waren van de invloed van het weer op de gezondheid werden weerdokters genoemd.
Een van die weerdokters was de Deen Dr. Christian Fibiger. Fibiger had zijn eigen weerstation en nam dagelijks circa negen metingen. In 1860 had hij meer dan 50.000 metingen gedaan. Op basis van een statistische analyse van die data legde hij de relatie tussen weersveranderingen en epidemieën. Hij en zijn collega’s waren ervan overtuigd dat klimatologische veranderingen bepalend waren voor epidemieën en niet de besmettelijkheid door micro-organismen.
De introductie van virussen
In 1892 presenteerde de Russische wetenschapper, Dimitri Ivanovsky een publicatie over de tabaksmozaïekziekte. Dat is een ziekte die voorkomt in planten. Ivanovsky gebruikte een speciale filter om aan te tonen dat het sap van een zieke tabaksplant na het te hebben gefilterd, nog steeds besmettelijk was voor gezonde planten. De Nederlandse microbioloog Martinus Beijerinck noemde in 1898 de betreffende onzichtbare stof een virus. Oorspronkelijk komt het woord virus uit het Latijn en betekent ‘giftige substantie’. Wetenschappers in die tijd geloofden namelijk dat er sprake was van een giftig eiwit. Dat eiwit zou het lichaam kunnen vergiftigen en het zou zich kunnen verspreiden tussen organismen. De praktijk wijst echter anders uit. Laten we daar eens naar kijken.
Transmissie van ziekten niet bewezen
Er zijn in de afgelopen 150 jaar verschillende experimenten gedaan om de transmissie van een ziekte van mens tot mens te bewijzen. Polio, influenza, gele koorts, waterpokken, HIV en meer zijn onderzocht. Sommige onderzoekers deden extreem veel moeite om de besmettelijkheid aan te tonen, maar alle pogingen faalden. De ziekten bleken geen van allen besmettelijk te zijn. Hieronder een voorbeeld van een experiment met de Spaanse griep.
Spaanse griep niet besmettelijk
De Spaanse griep (1918-1919) wordt beschouwd als een van de meest besmettelijke ziektes, in een van de grootste pandemieën ooit. De Spaanse griep wordt zo genoemd omdat het Spaanse San Sebastian als eerste de ziekte in de publiciteit bracht, terwijl de griep op dezelfde moment ook elders in de wereld werd gesignaleerd. Van de Verenigde Staten tot China.

Een van de onderzoeken om de besmettelijkheid aan te tonen, werd uitgevoerd in november en december 1918 door de Public Health Service en de Amerikaanse marine, onder toezicht van Dr. Milton Rosenau op Gallops Island.
Het experiment begon met honderd gezonde zeemannen die geen voorgeschiedenis van griep hadden. Ze deden vrijwillig mee aan het onderzoek. Een aantal vrijwilligers kreeg een mengsel toegediend, die uit de keel en neus van grieppatiënten was gehaald. Er gebeurde niets. Vervolgens kregen vrijwilligers één stam en daarna verschillende stammen van de Pfeiffer-bacil (heamophilus influenza) door middel van een wattenstaafje eerst in hun neus en keel en vervolgens met een spray in hun ogen gespoten. Dat had ook geen effect. De artsen werden wat brutaler en gaven de vrijwilligers enkele miljarden van deze ‘ziekteverwekkers’. Niemand werd ziek.
Vrijwilligers ontvingen injecties met bloed van grieppatiënten. Geen resultaat. Tot slot werden vrijwilligers naar een griepafdeling gebracht en elk van hen werd blootgesteld aan 10 grieppatiënten. Iedere vrijwilliger moest 5 minuten bij een patiënt doorbrengen. Ze moesten van iedere patiënt de hand schudden, van dichtbij met hen praten en de patiënten toestaan om rechtstreeks in het gezicht van de vrijwilliger te ademen en te hoesten. Niemand ontwikkelde symptomen, niemand werd ziek.
Dergelijk experimenten met de Spaanse griep zijn op meerdere plekken in de Verenigde Staten gedaan. Steeds met dezelfde resultaten. Soms ontwikkelde een enkeling zeer milde symptomen, maar niemand werd echt ziek. De Spaanse griep blijkt niet besmettelijk te zijn.
Vele andere ziekten, waarvan de meesten overtuigd zijn dat ze besmettelijk zijn, blijken dat in de praktijk niet te zijn. Waardoor mensen dan wel ziek worden, komt later in dit artikel aan bod. Eerst nog even wat verder spitten.
Ziektekiemen versus Het Terrein
Wat voor velen wordt beschouwd als gevestigde wetenschap, dat ziektekiemen je ziek kunnen maken, blijkt in de praktijk geen bewezen feit te zijn. Twee zienswijzen zijn van belang: Kiemtheorie en Terreintheorie.
Kiemtheorie
De kiemtheorie gaat ervan uit dat ziekteverwekkende micro-organismen (ziektekiemen), een gastheer binnendringen en zich daar vermenigvuldigen. Een specifieke ziekteverwekker veroorzaakt een specifieke ziekte, die overgedragen kan worden aan anderen.
Terreintheorie
Er zijn volgens de terreintheorie geen micro-organismen die je ziek kunnen maken. De gezondheid van het terrein is bepalend. Het terrein verwijst hier naar jouw lichaam en leefomgeving.
De huidige medische wereld volgt al sinds jaar en dag de kiemtheorie, ondanks het gebrek aan bewijs. De terreintheorie lijkt een logischere verklaring te geven en dat heeft nogal wat consequenties. Laten we het eens gaan ontrafelen.
De kiemtheorie en wat er daar niet aan klopt

De kiemtheorie heeft vooral via het werk van de Franse chemicus Louis Pasteur (1822–1895) vast voet aan de grond gekregen. De kiemtheorie is vanaf het allereerste begin weerlegd, maar is toch de basis van waaruit naar infectieziekten wordt gekeken. Pasteur heeft feitelijk nooit aangetoond dat bacteriën of virussen een gezond lichaam kunnen binnendringen en daar ziekte veroorzaken.
Meerdere onderzoekers hebben de vrijgegeven laboratoriumboeken van Pasteur bestudeerd, zoals historicus Dr. Gerald Geison. In zijn boek The Private Science of Louis Pasteur, beschrijft Geison hoe Pasteur bewust plagiaat en fraude heeft gepleegd. Toch zijn de meeste mensen ervan overtuigd dat virussen ziekteverwekkers zijn.
Als de kiemtheorie niet correct is, rijst de vraag hoe je het bestaan van een virus zou moeten (kunnen) aantonen. Dat antwoord ga ik je nu geven. Dat vergelijken we met de werkwijze van de virologie vandaag de dag. Dan zie je direct de verschillen.
Hoe toon je het bestaan van een virus aan?
Met logisch nadenken kom je al een heel eind. Je onttrekt van een ziek mens lichaamsvocht waarin je het virus verwacht aan te treffen. Gewoon snot uit de neus of slijm uit de keel. Daaruit isoleer je het virus, zodat je het kunt bestuderen. Je wilt wel weten wie de boosdoener is. Je hebt dus één variabele, het vermeende virus.
Vervolgens doe je wetenschappelijke experimenten om aan te tonen dat:
* het specifieke virus een specifieke ziekte veroorzaakt;
* het virus zich kan vermenigvuldigen;
* transmissie van een ziek mens naar een gezond mens mogelijk is.
Het is in het echt iets complexer, maar dit is de kern. Zowel het geïsoleerde virus, als de gevolgde methoden beschrijf je zodanig, dat andere wetenschappers het experiment kunnen reproduceren. Het is allemaal onderdeel van een normale wetenschappelijke manier van werken.
Wetenschappers hebben in het verleden voorwaarden opgesteld (postulaten), waaraan moet worden voldaan om te bewijzen dat een specifieke ziekteverwekker bestaat. Robert Koch heeft in 1890 een dergelijke logisch reeks van vier principes opgesteld, algemeen bekend als de postulaten van Koch. Na Koch heeft Thomas Milton Rivers in 1937 zijn postulaten opgesteld met zes principes. De postulaten van Rivers zijn speciaal bedoeld voor virussen.
Ondanks alle logica en postulaten, is er nog nooit iemand in staat geweest om een virus te isoleren en aan te tonen dat een virus een ziekte kan veroorzaken. Ook de transmissie en vermenigvuldiging van een virus is tot op heden niet bewezen. De wetenschap krijgt het gewoonweg niet voor elkaar. Er zijn wel een paar artikelen geschreven die dit beweren, maar als je dieper graaft ontbreekt iedere vorm van bewijs daartoe.
Als de virologen dat niet (kunnen) doen, wat doen ze dan wel, vraag je je af?
Hoe werken de virologen en wat is daar mis mee?
Virologen onttrekken lichaamsvloeistof van een patiënt. Tot zover gaat het goed. Maar dan. In plaats van het virus uit de lichaamsvloeistof te isoleren, beschouwen zij dat hele goedje als de onafhankelijke variabele. En dat bevat meer dan alleen een potentieel virus.
De gehele lichaamsvloeistof voegen ze vervolgens toe aan een cel- of weefselcultuur. Dit doen ze om het virus te kunnen laten groeien, te kweken als het ware. Die cultuur bestaat uit verschillende substanties. Zo gebruiken ze celweefsel van nieren van apen en toxische stoffen, zoals formaldehyde en aluminium. Daarmee vergiftigen ze het weefsel. De verandering die vervolgens wordt waargenomen wordt het cytopatisch effect (CPE) genoemd. Het stervende weefsel ‘produceert’ als het ware stofjes, dat voor de viroloog het bewijs is van een virus dat zich vermeerdert. Daar maken ze een zwart/wit foto van met een elektronenmicroscoop. Dat is een vak op zich, niet iedereen kan dat. Met een pijltje wijst de viroloog op die foto dan iets aan dat het virus moet zijn. Maar dat pijltje wijst iets heel anders aan.
Wetenschappers in laboratoria denken dat ze met virussen werken, terwijl ze in werkelijkheid werken met componenten van afstervend weefsel. Het basisgeloof van de viroloog is dat dit weefsel afsterft, omdat het besmet is met een virus. In werkelijkheid sterft het weefsel af omdat het wordt vergiftigd als gevolg van de testmethode op zich. Wanneer virologen gezond weefsel van dieren of mensen aan deze methode onderwerpen, is er nauwelijks tot geen verandering.
Er is een publicatie uit 1954, Propagation in Tissue Cultures of Cytopathogenic Agents from Patients with Measles, van John F. Enders. Dat gaat over de mazelen. Daarin wordt aangenomen dat lichaamsweefsel verandert in virussen wanneer het afsterft. Enders nam aan dat een virus zich hetzelfde gedraagt als een bacterie. Hij heeft er zelfs de Nobelprijs voor gekregen. Het hele concept van virologie is hierop gebouwd. Terwijl de publicatie duidelijk benadrukt dat het een aanname is, die in de toekomst bewezen of weerlegd zou moeten worden. Dat is nooit gebeurd.
Rechter: geen bewijs voor bestaan mazelenvirus
Dr. Stefan Lanka is een Duitse bioloog en viroloog. Hij is van mening dat de virologie de afgelopen decennia verschillende verkeerde afslagen heeft genomen en al geruime tijd op een dood spoor zit. Lanka heeft in 2016 een virus rechtszaak gewonnen.
Lanka had de zaak aangespannen om een op handen zijnde verplichte mazelen vaccinatie te voorkomen. Daarnaast heeft Lanka in 2011 honderdduizend euro uitgeloofd voor degene die het bestaan van het mazelenvirus aantoont. Eén Duitse arts wilde op basis van een zestal publicaties de prijs incasseren. Maar hij ving bot.
Op 16 februari 2016 deed de Hogere Regionale Rechtbank in Stuttgart uitspraak: geen enkele van de zes publicaties voldeed aan de criteria voor bewijs dat het virus bestaat. Die uitspraak werd op 1 december 2016 door de Eerste Burgerlijke Senaat van het Duitse Federale Hof bevestigd. Alle nationale en internationale beweringen over het mazelenvirus, de besmettelijkheid ervan en de werkzaamheid en veiligheid van vaccinatie tegen het mazelenvirus, zijn volgens het Hof onwetenschappelijk.
Gezonde mensen met virussen
In een in 2020 gepubliceerd onderzoek hebben wetenschappers 15 gezonde mensen onderzocht. Ze troffen in het weefsel structuren aan die identiek zijn aan wat een virus wordt genoemd. Ze waren verspreid over de nieren en bloedvaten. Het zijn volgens de onderzoekers geen virussen, maar normale delen van cellen. Deze normale weefseldelen worden extracellular vesicles (EV’s) genoemd. Het zijn minuscule blaasjes die worden uitgescheiden door cellen. Een van die EV’s zijn exosomen. Waarom dat belangrijk is, ga ik je nu vertellen.
Het zijn exosomen, geen virussen
Bepaalde micro-organismen in het lichaam, in de buurt van toxische stoffen, hebben de functie om die toxines biologisch af te breken. Je kunt ze zien als klusjesmannen die jouw huis komen opruimen en opknappen. Ze zijn niet de oorzaak. Ze zijn daar om te helpen omdat jouw lichaam (je terrein), ter plaatse is vervuild. Die micro-organismen worden exosomen genoemd. Deze extracellulaire blaasjes zijn 50 jaar geleden al ontdekt. Men dacht toen dat het een afvalproduct was, maar dat ligt toch anders.
Wat de samenstelling betreft bevatten exosomen onder meer eiwitten, DNA en/of RNA. Dat lijkt verdacht veel op de definitie van een virus. Exosomen zijn even klein als een virus, hebben dezelfde vorm en dezelfde dichtheid. Volgens een in 2020 gepubliceerd artikel in een tijdschrift voor virologie is er geen betrouwbare methode om exosomen en virussen van elkaar te (onder)scheiden.
Om je een beetje beeld te geven zie je onderstaand foto’s van wat exosomen of virussen zouden zijn. Als je over de foto gaat, of erop klikt, zie je het antwoord.
Inmiddels vinden exosomen hun weg naar de gezondheidsindustrie. Je kunt exosomen zien als boodschappers, die van nature in het lichaam worden aangemaakt. Ze helpen om verschillende cellen met elkaar te laten communiceren. Dat kan het herstelproces van het lichaam bevorderen waardoor kwalen kunnen verbeteren. Zoals het verminderen van ontstekingen en gewrichtspijn.
Exosomen kunnen de diepere lagen van de huid binnendringen en cel stimulerende informatie sturen. Daardoor zou er meer collageen geproduceerd kunnen worden. In sommige beauty tijdschriften zien dermatologen exosomen als de volgende grote beauty-trend. Exosomen duiken inmiddels op in huidverzorgingsformules en professionele schoonheidsbehandelingen.
Waarom werken virologen niet anders?
Ten eerste werken virologen volgens de methodes die ze tijdens hun studie hebben geleerd. Ze zijn ervan overtuigd dat hun werkwijze correct is. Waarom zou je de autoriteit van je eigen vakgebied in twijfel trekken? Ze denken echt dat ze iets hebben gevonden dat onze gezondheid bedreigd. En de politiek volgt ze blindelings. Het gevolg is dat maatregelen veelal worden genomen uit onwetendheid. Dat geldt ook voor het opvolgen van de opgelegde maatregelen. Je ziet gewoonweg geen reden om eraan te twijfelen. De ‘expert’ zal het toch wel weten?
Ten tweede heb je te maken met de drie-eenheid: geld, macht, ego. Er staat veel op het spel. Het is een hele industrie waar mensen werken met langlopende, succesvolle carrières. Het hele zorgstelsel is erop gebaseerd. De autoriteiten op het vakgebied zijn als heilige huisjes die zo’n honderd jaar geleden al zijn gecreëerd. Ze worden met hand en tand verdedigd en beschermd. Daarom zie je steeds dezelfde ‘experts’ aan tafel. Het vergt moed om toe te geven dat waar je altijd zo op hebt vertrouwd en in hebt geloofd, anders in elkaar zit. Dat betekent, het hele fundamentele raamwerk van aannames, principes en methoden over boord zetten. Dat is niet niks.
Tot slot moet je niet vergeten, dat een hele industrie afhangt van het geloof in de kiemtheorie, waar jaarlijks een paar honderd miljard euro in omgaat. Er moet iets bestreden worden en daar heeft iemand dan wel een middel voor. Dat levert heel veel geld op. Maar stel nu dat er helemaal niets bestreden hoeft te worden? Dat heeft grote consequenties. Er wordt alles aan gedaan om het systeem in stand te houden. Dat betekent ook medicatie ontwikkelen tegen niet aangetoonde (niet bestaande) vijanden. Dat is nog eens een bittere pil om te slikken.
Kiemtheorie samengevat
Er is nooit enig bewijs geleverd dat een ziekteverwekkend virus bestaat. Er is nooit een virus is geïsoleerd. De transmissie van mens (of dier) tot mens is nooit aangetoond, noch dat een virus zich kan vermenigvuldigen. Er worden in virologie geen controle experimenten gedaan en dat maakt het hele vakgebied onwetenschappelijk. Het is met name gericht op aannames, niet op feiten.
Wat de een ziet als een levensbedreigend virus, ziet de ander als een heel natuurlijke, lichaamseigen stof dat gezondheidsvoordelen heeft. Dat is nogal een verschil.
Tijd om over te stappen naar het terrein.
De terreintheorie en waarom die beter past

De terreintheorie is het werk van met name de Franse arts Antoine Béchamp (1816–1908). Naast Béchamp waren er nog een paar andere terreinpioniers zoals de Franse fysioloog Claude Bernard. De terreintheorie gaat ervan uit dat de gezondheid van het terrein bepalend is. Het terrein verwijst hier naar jouw lichaam, je bloed en alle lichaamsprocessen die betrokken zijn om jouw terrein in een stabiele toestand te houden. Het terrein is tevens jouw leefomgeving.
Er zijn volgens de terreintheorie geen micro-organismen die je ziek kunnen maken. Het is een ziek terrein dat bepaalde micro-organismen voortbrengt. Die micro-organismen zijn niet, zoals eerder gezegd, de oorzaak. Het is de cleanup crew die komt helpen. Micro-organismen doen wat ze behoren te doen: het afbreken van dood en afstervend weefsel. Het is een heel normaal proces dat in de hele natuur voorkomt. Onder andere bedoelt om het evenwicht te herstellen.
De verschillende ontdekkingen van Béchamp brachten hem tot de conclusie dat ons lichaam in feite een mini-ecosysteem is. Ons interne milieu kan verzwakt raken door onder andere slechte voeding, langdurige stress en toxische belasting. Dat kan dan tot ziekte leiden.
De terreintheorie legt verder ook uit hoe we als mens noodsituaties ontwikkelen wanneer we worden geconfronteerd met direct gevaar, angst of trauma’s. In zo’n situatie is er een mentale verbinding tussen onze hersenen, lichaamsweefsel en/of een specifiek orgaan. Zodra we waarnemen dat het gevaar geweken is, komt het lichaam in de genezingsfase. Dat gaat allemaal vanzelf. Het genezingsproces kan verschillende symptomen veroorzaken waarvan wij dan denken dat het een ziekte is. Symptomen worden vervolgens bestreden, terwijl je daardoor juist het natuurlijk herstelproces van je lichaam in de weg zit.
Het zelfgenezend vermogen van het lichaam is erg groot. Aan het begin van de 16e eeuw leverde de arts en alchemist Paracelsus al bouwstenen voor een nieuwe geneeskunde. Paracelsus hamerde op die ene geneesheer die de innerlijke mens in zijn microkosmos heeft.
Jouw lichaam is veel intelligenter dan je denkt. Alle processen in je lichaam geschieden allemaal ten voordelen van jou, hoe ziek je ook denkt te zijn. De enige beperkingen voor heling en voor een uitstekende gezondheid, zijn veelal de beperkingen we ons zelf opleggen, of (hebben) laten opleggen. Het vereist een volledig andere kijk op gezondheid.
Omdat alle aandacht én geldstromen al zo’n 100 jaar naar de kiemtheorie gaan, is het terrein nog een redelijk onontgonnen gebied.
Waardoor worden we dan ziek?
Dit antwoord zou een artikel op zich kunnen zijn. Ik hoor de vragen al: ja maar hoe zit het dan met dit en hoe verklaar je dat? Er zijn talloze situaties waarbij het lijkt alsof er sprake is van een besmettelijke ziekte, maar er andere dingen aan de hand zijn. Ik noem uitgebreid een aantal voorbeelden. Als je al helemaal hier bent gekomen met lezen, kan dit laatste stukje er ook nog wel bij.
Elektro-frequenties
Grote wereldwijde veranderingen van elektrische of elektromagnetische frequenties zorgen voor veranderingen in het aardmagnetisch veld. Daar zijn wij als mens onderdeel van en het lichaam merkt dat. Soms duidelijk waarneembaar en soms niet zo duidelijk.
- In 1888 wordt elektriciteit over lange afstand wereldwijd geïmplementeerd, waarbij de eerste energiecentrales worden verbonden. Dat wordt opgevolgd door de grieppandemie van 1889.
- In 1917 komt het radiotijdperk met de bouw van krachtige radiostations wereldwijd. De Spaanse grieppandemie komt in 1918.
- In 1957 krijgen we het radartijdperk. De Asian flu pandemie komt ook in 1957.
- In 1968 begint het satelliet tijdperk. Dat valt samen met de Hong Kong flu pandemie van 1968.
Giftig milieu
We leven in een toxische wereld. Er sterven jaarlijks wereldwijd miljoenen mensen aan ziekten die veroorzaakt zijn door milieuvervuiling, blootstelling aan toxische stoffen en straling. Mensen in hetzelfde gebied delen hetzelfde voedsel, waterbronnen, luchtkwaliteit en meer. Als daarin plotseling een verandering optreedt, kan het lijken dat er sprake is van iets besmettelijks, terwijl dat niet zo is.
Zo is er een duidelijk verband aangetoond tussen het gebruik van de insecticide DDT en polio. Via een, naar later bleek frauduleus, onderzoek zou polio veroorzaakt worden door een virus, dat onder andere door muggen en vliegen op mensen werd overgedragen. DDT is een chemische stof waarmee niet alleen gewassen werden bespoten. DDT werd op grote schaal, met name in de Verenigde Staten, van 1945 tot 1952 ingezet als desinfectiemiddel.

Kinderen op school kregen het in hun kleding, het werd in zwembaden en fabrieken over mensen heen gespoten. Er reden speciale auto’s door de straten om DDT te spuiten. Allemaal bedoeld om de bevolking te beschermen. Later bleek dat DDT geen bescherming bood maar juist polio veroorzaakte. Toen na 1952 het gebruik van DDT afnam, namen direct de polio gevallen ook af. Toch werd er vastgehouden aan het virusmodel en werd er een vaccin ontwikkeld. Dit kwam in 1957 beschikbaar toen er bijna geen polio meer was. En toch werd dat vaccin de held in het bestrijden van de ziekte.
Via het werk van Robert Koch hebben we aangenomen dat bacteriën tuberculose veroorzaken. In zijn publicatie van 1888, Die Ätiologie der Tuberculose, levert Koch geen enkel bewijs dat micro-organismen TBC veroorzaken. Koch doet alleen observaties. Hij heeft ook niet aangetoond dat TBC besmettelijk was. De oorzaak van TBC blijkt te liggen in een ongezonde leefomgeving en een al verzwakt lichaam. Het heeft niets te maken met beetjes, die overspringen van een ziek naar een gezond mens.
En zo zijn er meerdere voorbeelden van ziekten die als besmettelijk te boek staan, maar in feite het gevolg zijn van een ongezond leefmilieu en een verzwakt of ziek terrein.
Conditionering
We zijn allemaal vanuit onze jonge jaren geconditioneerd en we hebben in ons leven vele overtuigingen aangenomen. Het zijn als het ware programma’s die ons denken en handelen besturen. Die programmeringen vinden dagelijks plaats. Via radio, tv, krant, het onderwijs en gewoon door in contact te zijn met anderen. Berichten schieten, zonder dat je het beseft, je onderbewustzijn in en hebben invloed op jou. Met uitspraken als “ik haal maar vast wat in huis voor het griepseizoen” of “hij/zij heeft de griep, dan zal ik het ook wel krijgen”, nodig je als het ware de griep uit.
Angst & stress
Als je angst of veel stress ervaart, kan je mind er al snel mee aan de haal gaan. Je creëert daardoor een negatief verwachtingspatroon. Dit zogenaamde nocebo effect maakt het lichaam meer bevattelijk voor ziekten. Zijn tegenhanger placebo, gaat uit van een positieve verwachting. Beide effecten zijn psychologische van aard en zijn al sinds jaar en dag bekend bij artsen. Zo kunnen mensen zichzelf zowel ziek, als gezond denken en vooral voelen. De angst om een bepaalde ziekte te krijgen, zorgt er dan voor dat je die juist krijgt. Dat heeft niets met een besmetting te maken. Zodra je dat mechanisme in jou in de gaten hebt, kun je het veranderen en omkeren.
Als er meerdere mensen bij elkaar soortgelijke symptomen hebben, is geen enkel bewijs dat er iets is overgedragen. Het is een aanname, geworteld in ons onderbewustzijn.
Niet alles is even goed verklaarbaar en dat kan lastig zijn. Het ligt in onze natuur om ergens een label aan te willen hangen. Dan snappen we het tenminste.
Anders(om) denken
We hebben te lang onze gezondheidszorg uitbesteed aan anderen die we zo graag willen vertrouwen. Als ziektekiemen in de lucht ziekte veroorzaken, dan moet de medische gemeenschap het antwoord vinden. Dat haalt de verantwoordelijkheid bij je weg.
Het wordt hoog tijd de verantwoordelijkheid naar je toe te halen. Het roer mag om. Vanuit een ander perspectief kijken. Open staan voor het idee dat alles wat je ooit voor waar hebt aangenomen, wel eens anders in elkaar kan zitten. Dat kan in het begin pijn doen, maar het is wel beter voor je gezondheid.
Hoe je er ook naar kijkt, goede gezondheid begint altijd bij gezonde, volwaardige voeding, gezonde leefstijl en een positieve mindset.
Doe altijd je eigen onderzoek en maak gezonde keuzes voor jezelf.
Referenties:
- The poisened needle, Suppressed Facts About Vaccination, Eleanor McBean, 1957
- Expriments to determine mode of spread of influenza, Milton J. Rosenau, M.D., August 2 1919
- The Invisible Rainbow – a history of electricity and life, Arthur Firstenberg, Chelsea Green Publishing 2020
- It’s probably in the Air: Medical Meteorology in Denmark, 1810–1875, Morten Arnika Skydsgaard, April 2010, Medical History 54(2):215-36
- The Role of Extracellular Vesicles as Allies of HIV,HCV and SARS Viruses Flavia Giannessi et al., Department of Science, Roma Tre University, published 22 May 2020
- Can you catch a cold? Untold history & human experiments, Daniel Roytas, ISBN 978-1-7635044-0-0, 2024
- A Farewell To Virology, Expert Edition, Dr. Mark Baily, 22 September 2022.
- Propagation in Tissue Cultures of Cytopathogenic Agents from Patients with Measles, John F. Enders et al. 12 May 1954, PDF.
- The Germ Theory of Disease, Dr. Herbert Snow, Surgeon. The Journal of Osteopathy, volume 20, no.4, April 1913.
- Harvey Society Lectures. 26, “Thomas M. Rivers, 1934”, The Rockefeller University.
- Koch’s postulates: An interventionist perspective, Lauren N. Ross, Studies in History and Philosophy of Biological and Biomedical Sciences, 7 August 2015.
- Thomas Milton Rivers, A Biographical Memoir by Frank L. Horsfall Jr., National Academy of Science, Washington d.c. , 1965.
- Appearances Can Be Deceiving – Viral-like Inclusions in COVID-19 Negative Renal Biopsies by Electron Microscopy, Clarissa A. Cassel et al., 30 June 2020.
- The Private science of Louis Pasteur, Dr. Gerald L. Geison, Princeton University 1995
- Béchamp or Pasteur? A Lost Chapter in the History of Biology, Ethel Douglas Hume, 1923, PDF 2009
- Pasteur: Plagiarist, impostor, The Germ Theory Exploded, R. B. Pearson, 1942, PDF 2009
- Heterosexual Transmission of Human Immunodeficiency Virus (HIV) in Northern California: Results from a Ten-year Study, Nancy S. Padian et al., by the Johns Hopkins University School of Hygiene and Public Health, 1997
- The virus misconception part-1.pdf
- The State of Science, Microbiology, and Vaccines Circa 1918
- Koch’s Postulates Updated: A Potentially Useful Application to Laboratory Research and Policy Analysis in Environmental Toxicology
- The world counts toxic-exposures
- https://jamanetwork.com/journals/jama/article-abstract/221687
- https://www.elle.com/nl/beauty-health/beauty-health-nieuws/a60391294/exosomen/
- Pasteur Notebooks Reveal Deception
- Toxicology vs Virology: Rockefeller Institute and the Criminal Polio Fraud
- Exosomen foto 1
- Exosomen foto 2
- Exosomen foto 3




